Zij van hem

Mijn leven met een man in een vlekkenpak

COMMUNICATIE

Een reactie plaatsen

Bergen van onzekere buien, verwachtingen en verantwoordelijkheidsgevoel komen tijdens zo’n uitzending voorbij. Met wat moeite, de ene keer wat meer dan de andere keer en soms gefrustreerd en met tranen, trotseren we die monsters en mogen daarna even ademhalen met kriebels in de buik tijdens dat heerlijke ritje naar beneden. Gewoon de benen in de lucht, een klein beetje sturen en genieten van het geluid van de banden op het wegdek, de wind in je haren en de trappers die onder je voeten vrolijk ronddraaien zonder dat je daar zelf iets voor hoeft te doen.

Eén van die uitdagingen blijft communicatie. Het is gemakkelijker gezegd dan gedaan, blijven praten, blijven communiceren met elkaar, als je zo beperkt wordt door middelen en tijd doordat de situatie om je heen is veranderd. Opeens zit hij niet meer op zijn kamer, waar zijn collega maar een paar keer per week is. Nee, de bomen die een deel van zijn uitzicht in Nederland vormen hebben plaatsgemaakt voor zand, zand en nog eens zand, en vanuit zijn nieuwe onderkomen wordt het enige uitzicht gevormd door de vele kaartjes, tekeningen, de poster en briefjes aan zijn muur en komt ‘frisse’ lucht via de airco naar binnen. De soms aanwezige collega heeft plaats gemaakt voor eentje met een verrekt slecht gevoel voor timing die vrijwel altijd aanwezig is, en wanneer bij mij de maan de dienst van de zon overneemt, is hij daar al even aan zijn ‘shift’ begonnen en is Klaas Vaak al onderweg met zijn slaapzand. De contactmomenten heb ik uit handen moeten geven aan mijn lief, die nu opeens grotendeels bepaalt wanneer we elkaar spreken en wanneer niet, want ondanks de honderden e-mails die je verstuurt, de tientallen brieven die je schrijft, het fijnst is het wanneer je echt direct contact met elkaar hebt, meteen reactie kan krijgen en even weer, ook al is het op grote afstand, een (kunstmatig) gevoel van nabijheid kan creëren.

Blijven praten en blijven delen, wat een uitdaging is dat gebleken. Gek en heel erg wennen om daar nu zo bewust aan te blijven werken, voor iets wat ons hier thuis zo gemakkelijk afgaat, iets wat zo vanzelf gaat normaal gesproken. Waar ik thuis geen twee keer denk over datgene wat ik hem vertel passeert nu diezelfde gedachte wel drie keer het deel-station voordat ik er wat mee doe. Opeens zijn de opties niet meer eenduidig en vertel ik hem niet meer elk ding wat ik met hem zou willen delen, maar besluit ik vaker dan normaal voor de andere route en kies ervoor om hem er niet ‘mee lastig te vallen’. “Als het met het thuisfront goed gaat, dan gaat het met de militair ook goed.”, echoot nog na in mijn gedachten. Opeens wegen de woorden “Ik kan er hier verder niks mee.” zoveel (onbedoeld) zwaarder en voelen als een last die op mijn schouders ligt. Ben ik er net aan gewend om samen onze uitdagingen aan te gaan, nu sta ik er voor mijn gevoel opeens weer alleen voor.

Ik ben enorm moe en mede daardoor kruipen de dagen voorbij de laatste tijd, mis ik hem enorm en alleen al de gedachte daaraan zorgt dat het waterpeil in mijn ogen stijgt en bijna de dijken overstroomt. Ik ben teleurgesteld in mijzelf, want ik had mijzelf dit toch anders voorgenomen. De frustratie hier over en het alsmaar willen zorgen voor hem, mij verantwoordelijk voelen voor hem, en het daarom niet delen van de daarop volgende zo moeilijk omschrijfbare dipjes zorgden deze week voor een nieuwe uitdaging en zeker ook een nieuw leermoment.

Zonder het te weten duwt hij begin deze week op de verkeerde zenuwuiteinden, slaat mijn frustratie om in irritatie en ben ik pissig omdat hij mij afkapt en eigenlijk geen keuze meer geeft door te melden dat hij gaat slapen. Weer dat verrekte tijdsverschil wat me altijd zo’n opgejaagd gevoel geeft, want tegen de tijd dat wij elkaar spreken is het vaak al tegen twaalven of later in zijn tijdzone. Ik word geconfronteerd met maar één enkele mogelijkheid in mijn ogen: ctrl+a en daarna delete voor alle gedachten en gevoelens die al in mijn scherm opgesteld stonden. In plaats daarvan stuur ik de woorden “Trusten lief.” zijn kant op terwijl de tranen over mijn wangen stromen.

Als hij gaat slapen draaien mijn gedachten door, stapelen alle gevoelens zich op en lijk ik een moment te verdrinken in dat moment en dat gevoel. Ik ben helemaal overstuur, mijn ademhaling is nog maar moeilijk te controleren en er zijn zoveel tranen dat mijn ogen het niet alleen aan kunnen en ze zich ook een weg naar buiten weten te vinden via mijn neus. Al snotterend besef ik me dat ik dit niet alleen kan, dat ik hem echt nodig heb. Ik voel me opeens zo alleen, alsof ik zijn wereld boven mijn hoofd probeer vast te houden terwijl ik op mijn tenen sta te balanceren om hem zo hoog mogelijk te houden. Dit kan ik niet zo, dit wil ik niet zo. Ik wil samen onze wereld vasthouden, maar daarvoor moet je wel blijven communiceren, zoals in die spelletjes met zo’n sinaasappel waarin je (zonder handen) samenwerkt om dat ding niet te laten vallen.

Maar het vinden van een goede manier van communicatie als je behoeften zo schommelen en ik enkel afhankelijk ben van zijn initiatief is soms een beste uitdaging. Dit moment, even zo intens weer op mijn behoeften gewezen worden, moest er blijkbaar gewoon even komen. Dus schrijf ik hem een e-mail, versnelt mijn hartritme elke keer wanneer ik enkel maar denk aan het moment dat hij het leest en besef ik me hoe onzeker ik hier van word; dat ik niet zijn reactie kan peilen en hoe hij het mogelijk zal interpreteren. Dat hij misschien nu wel hard gillend weg wil rennen, denkt ‘Hier heb ik geen zin in hoor, al die drama.’ en zich beseft dat hij het liefst toch nog een poosje alleen wil zijn voordat hij aan een nieuwe relatie begint.

Als we dan twee dagen later pas de boel kunnen bespreken is de bui al grotendeels over, maar voelen zijn woorden toch een beetje als de warmte van zijn armen om me heen, verschijnt er een grote grijns op mijn gezicht als hij al mijn onzekerheden resoluut van tafel veegt, maar is het vooral zo enorm fijn om hem te horen zeggen dat ik het niet alleen hoef te doen, dat we het samen doen. Ik voel het ijs onder mijn voeten weer veranderen in stenen, ik heb weer grip en ook al stuiteren we soms door kleine kuiltjes en oneffenheden in het wegdek, ik weet dat mijn handige vriendje er is om mijn wielen weer goed vast te draaien, de remmen af te stellen en ook mij weer op te lappen.


[Bron Afbeelding]

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s